Stilvallen

Stilvallen..

Het is iets waar ik de laatste dagen wat toe gedwongen word. Begrijp me niet verkeerd, dit gebeurt volledig vrijwillig hoor. Laat me stellen dat ik koos voor een omgeving waarin ik hier optimaal in geholpen word.

En lastig dat dit is!

Ik word geconfronteerd met het geraas in mij, meer dan  ik op voorhand ingeschat had. De onrust in mij is immens en de weerstand tegen het stilvallen groot. Het resultaat? Nog meer wiebelende benen, nog meer onrust in mijn hoofd, vermoeidheid en de onmogelijkheid om mij te concentreren.

Maar de ervaring leert mij dat dit een bittere pil is waar ik door moet.

Het doorrazen heeft een functie: het vermijden van mijn emoties en trauma. Niet  moeten kijken naar de spreekwoordelijke zwarte plek op het plafond. Niet moeten denken, niet moeten voelen.

Op zich een slimme aanpak, al kan ik u verzekeren dat deze slechts tijdelijk werkt. Dingen als emoties weten zich helaas wel weer naar boven te werken.

Achteraf meer rust en structuur uitbouwen in het doel en dit gaat enkel door nu even, met de nodige hulp, stil te vallen.

Bleugh!

Advertenties

notp16

Zij die mij op Facebook volgen, hebben het waarschijnlijk wel door: Ik zong mee met The Proms.

En dat het fantastisch was!

Het resultaat was een licht gestalk via social media, maar voor zij die het miste hier nog enkele foto’s op een rij:

Hiervoor bleef ik een 2 nachten in Rotterdam slapen waar ik jammer genoeg te weinig van de stad zag, ik moest mijn examen van gisteren voorbereiden. Dat examen ging trouwens zeer goed :)!

Maar nu, terug in België en met een rustigere agenda in zicht komt er een moeilijke periode aan. Het loopt al een tijdje niet goed met mijn structuur en hoe minder ik te doen heb, hoe meer dit tot uiting komt.

Gisteren nam ik daarom een moeilijke maar belangrijke beslissing: Ik besloot samen met mijn diëtiste om hulp en zorg te vragen. Morgen heb ik hieromtrent een belangrijk gesprek.

Spannend, want deze dingen blijf ik zeer moeilijk vinden!

Nood

Ik ben in de war.

Het is typisch dat je op een dag wel een aantal keer de vraag krijgt hoe het met je gaat. Soms uit gewoonte, soms zeer gemeend. Ik vind deze vraag steeds fijn om te krijgen. Het toont betrokkenheid, zelfs de gewoonte-vragen.

De laatste tijd weet ik echter niet wat te antwoorden. Ik zou kunnen vertellen over alle toffe dingen die ik doe. Een redactievergadering van de bijlage van een krantje waarbij ik voorlopig zeer tevreden ben van het resultaat. Of the Night of the Proms achter de schermen mogen bijwonen. Alle fijne, nieuwe contacten die ik leg, de deugddoende gesprekken  met vrienden…

Of vertel ik over hoe ik toch wel wat worstel met dat verdomd dag-nachtritme? Over hoe ik meer in mijn bed lig dan nodig? Of over hoe mijn eetstructuur, ondanks mijn pogingen tot rechttrekken, toch de wensen overlaat?

Of over hoe onzeker ik mij voel en hoe achterdocht mij soms overneemt?

Vertel ik over hoe ik vecht met mijzelf, mijn schreeuwend kind-stuk en mijn nood naar een troostend gebaar?

Voorlopig kies ik ervoor om positief te antwoorden. Niet vanuit ontkenning, ik besef maar al te goed dat dingen op de helling staan. Ik besef ook dat dat troostend gebaar niet komt als ik niet open ben over mij nood.

Daarom (en om mijn geweten, want elk positief antwoord voelt een beetje als liegen) neem ik me voor om eerlijker te zijn.

Voor mijn nood, voor mezelf.

 

Haat-liefde

Structuur, structuur, structuur.

Ik heb er momenteel een haat-liefde-verhouding mee. Het lukt me niet zo goed meer. Opstaan is moeilijk, zelfzorg kost moeite, koken lijkt onmogelijk en het liefst van al zou ik de hele dag in mij bed liggen. 

Om de overprikkeling even tegen te gaan. Om even niet te moeten voelen en om even omringd te zijn met warmte.

Maar dat doe ik niet.

Ik sleepte me vandaag naar de les waar ik tot nu toe niet veel meer deed als wensen dat in thuis was. En deze blog schrijven, om om te gaan met alles in mij. 

Het wordt een lange dag…

Dilemma

Ik leer de laatste tijd veel nieuwe mensen kennen en een van de eerste vragen die je meestal krijgt is: ‘Wat doe jij in je leven?’. Ik vertel dan steeds dat ik student ben. Student van de studie ervaringswerk binnen de geestelijke gezondheidszorg en de verslavingszorg. Quasi altijd volgt er: ‘amai, wat een mond vol. Maar wat houdt dat dan in?’.

En dan komt het dilemma: wat vertel ik aan wie? En hoe ver ga ik in een voorstelling van mezelf tegen relatief nieuwe mensen?

Meestal komt mijn antwoord neer op dat ik zelf een ervaring in de zorg heb gehad in het verleden van waar ik me wil omscholen naar hulpverlener om met de kennis die ik toen opdeed aan de slag te gaan. Een diplomatisch antwoord waarmee ik iets prijs geef zonder de grootte of de zwaarte van mijn verleden aan te geven.

Ik blijf dan echter wel met de vraag zitten hoe mensen dit invullen? Want een therapeut leerde me ooit dat hoe meer ruimte je laat, hoe meer mensen kunnen in vullen.

Wat stellen mensen zich voor bij mijn ervaring in de ggz? Of gaat men er van uit dat ik een verslaving gehad heb? En wordt er na deze voorstelling opeens een link gelegd met mijn arm? Schiet men in een vooroordeel? Of ontkracht ik er met mijn voorkomen net?

Ik besef maar al te goed dat te weten komen wat anderen over je denken niet gaat (nog zo’n wijze les uit therapie 🙂 )

Vanuit deze twijfel ga ik steeds vaker over tot meer uitleg, iets wat ik vroeger enkel deed als er extra vragen komen. Tot mijn verbazing zijn reacties quasi altijd positief of neutraal. Een van de mooiste vond ik die van mijn zangleraar en zijn vrouw die elk apart van elkaar me zeiden dat ze in de verste verte niet hadden kunnen vermoeden wat mijn verhaal was, terwijl ik aan hun wel meer uitleg gaf.

Voor mij een teken dat ik mijn diagnose oversteeg: Ik ben niet meer een psychotisch persoon. Ik heb een psychotische kwetsbaarheid die deel uit maakt van mijn leven, maar daarnaast ben ik ook zo veel meer :).

Deze constatatie maakt het voor mij makkelijker om toch over te gaan tot vertellen over die ervaring binnen de ggz.

Met mondjesmaat.

NOTP16

Vandaag zong Fine Fleur de première van the Night of the Proms in het sportpaleis. Ikzelf zong deze show niet mee, wat maakte dat ik kon gaan kijken. 

Het werd een feestje! 


Na de show verzamelde ik eerst al mijn moed om de dirigente te becomplimenteren (zij doet dit zo goed!) om daarna zelf een prachtig compliment over mijn zang te krijgen. Echt tof!

Het is fijn om deze geweldige groep steeds beter te leren kennen! 

Madeleine *

Ik droomde deze nacht nog eens bij je te mogen zijn.. Al huilend werd ik wakker.

Een week geleden stikte ik de laatste naad van mijn op maat gemaakte concertkleedje en ook toen miste ik je enorm. Ik was zo fier en meteen dacht ik aan jou.

Jij leerde me de beginselen van het naaien. Keer op keer kon ik bij jou terecht. Ik vond het zo jammer dat ik mijn kleed niet aan je kon tonen.

Binnenkort draag ik mijn eigen creatie voor het eerst op een podium. Met fierheid en met mijn gedachten bij jou zal ik stralen.

Lieve oma,

Ik mis je!

Zorg

En toen was er verdriet..

Ik vervloekte de verdomde vlakte in mijn leven zo hard, maar met het risico heel klagend over te komen: het alternatief voelde gisteren niet veel beter aan.

Ik schreef al eerder over het project waaraan ik deelneem. Gisteren deelde ik tijdens een bijeenkomst mijn verhaal. Op zich niets slecht, ik kan zelfs stellen dat het op een bepaalde manier opluchtte. Tot ik achteraf overspoeld werd door een golf van verdriet.

Al snikkend probeerde ik aan Kim (de persoon van slachtofferhulp) uit te leggen hoe eenzaam ik me voel in mijn pijn. Hoe ik hunker naar zorg en hoe ik deze niet gevraagd krijg. Als tegenreactie zet ik me keer op keer in mijn sterke, krachtige stuk. Een stuk waar ik veel bewondering voor krijg en vaak over gecomplimenteerd word. En begrijp me niet verkeerd, ik ben zelf ook trots op mijn sterkte en mijn krachten. Maar waar ik vroeger verzorgd werd omdat ik in crisis ging, moet ik nu deze zorg zelf voorzien of vragen. En daar knelt de spreekwoordelijke schoen.

Want de nood is hoog en de kunde laag. Ik weet niet hoe ik dit kan vragen in mijn leven en ik weet nog minder hoe ik deze aan mezelf kan geven. Natuurlijk zijn er de evidente dingen zoals een duidelijke structuur, de nodige zelfzorg en gezonde voeding die mij enorm veel deugd doen en ergens dus ook ‘zorgen voor’ zijn, maar het kindstuk in mij vraagt meer. Meer troost, meer gesus, meer zorg.

Gisteren sloot ik de bijeenkomst af met een warm gevoel deugddoende knuffel van Kim. Daarna bleef zij bij mij slapen, om even te zorgen voor elkaar.