Frans*

Tien jaar lang vocht je. Dapper en sterk.

Dit weekend verloor je je gevecht. En hoewel we al lang wisten dat dit eindig was, blijft de schok enorm.

Ik omschreef je de laatste jaren wel vaker als mijn rots in de branding. Steeds paraat met goede raad. Of je vertelde uren over alles wat ik horen wou.

Jij was zo geïnteresseerd in van alles. En geëngageerd, dat bleef je tot het bittere eind.

Bij onrechtvaardigheid was jij de eerste die van zich liet horen.

Ik vond het steeds zo moeilijk om mijn verwondering voor jou in woorden te gieten. Nu is het te laat.

Jou nooit meer zien lijkt op dit moment zo surreëel. Het is alsof mijn hoofd het nog niet vangen kan en mijn armen te kort zijn om het verdriet dat uit mijn lijf stroomt op te vangen.

Ik ga je zo hard missen!

Advertenties

Hartzeer

Ik ben vastgeroest in dit huis vol oude hartzeer.

Het kost me te veel moeite om zelfs maar mijn schoenen te vinden, ze aan te trekken en door het jonge groene gras te wandelen.

’t Zijn de wanen die me volgen. En de stemmen die me dwingen.

Ze staan het geluk in de weg, maken me triest en alleen.

Ik wou dat ik weer kon lachen, doorheen mijn donkere kamer.

Mensen zijn er niet gerust in, maar ik ben dan ook een zwerver.

Eenzaamheid: wie belt er wie en wie belt er eerst. Zo nu en dan heb

ik de wereld nodig.

Ik beloofde goed voor me te zorgen. Ik zei ja maar bedroog haar.

Herstelvisie

Werken volgens De herstelvisie. Dat is onder andere werken rond hoop en werken op maat. Of werken met de regie op het juiste moment overgeven aan de cliënt.

Hier in Bierbeek doen ze er enorm hun best voor.

Achter dat alles kan ik me met mijn hoofd volledig zetten. Ik geloof echt dat de herstelvisie bijdraagt tot een herstel waarin de persoon zich kan vinden.

En toch heb ik er -nu ik weer aan de cliëntkant sta- al enorm op gevloekt!

Gevoelsmatig is het soms zo een warboel.

Ik mag nu bijvoorbeeld mee bepalen in welke toezichtsfase ik zit. Zeer herstelgericht inderdaad, maar ook zo moeilijk!

Aanvoelen wat ik wanneer nodig heb lijkt al onmogelijk, laat staan dat ik dit kan aangeven.

En Neen, natuurlijk sta ik hier niet alleen in en voel ik me ondersteund door alle hulpverleners, maar soms het lijden zo groot dat ik hoop dat ze her gewoon overnemen.

En toch doe ik m’n best, meer kan niet. En voor de rest vertrouw ik op de mensen rondom mij die me het beste kennen om samen signalen op te pikken.

Want gelukkig heb ik zo’n mensen in mijn leven 🙂

Pluim

Even een kleine pluim voor mezelf.

Na een turbulente periode, maakte ik dinsdag zoals gepland de oversteek naar mijn oude, vertrouwde afdeling.

Dit kon alleen als het team en ik mij daar veilig genoeg bij voelden.

Om die veiligheid zo goed mogelijk te garanderen, is er het faseplan.

Tot zo ver liep alles goed.

Hetgeen waarop we ons niet voorzien hadden, was dat ik fysiek wat extra klachten zou krijgen. Op zich niets ernstigs, maar wel zeer vervelend.

Neem naast de mottigheid daar nog eens bij dat ik het haat om mijn lijf te voelen opspelen en je hebt toch weer een goede mix voor een crisis.

En toch (en vanaf nu komt het fiere stuk) bleef ik crisis-vrij en bevind ik me qua beveiliging & toezicht op niveau 0.

Ik hoop dat het me lukt dit vol te houden!

Overleg

Het is weer een van die nachten.

Ik ben best wel moe en wat nachtrust zou me dus deugd doen, maar ik krijg de prikkels van vandaag niet verwerkt waardoor alles in mij schreeuwt om wakker te blijven.

Da dag was te druk naar mijn aanvoelen. Er waren enkele gesprekken, een wandeling en vooral het gevreesde overleg.

Artsen, verpleegkundigen, therapeutisch coördinatoren en een ervaringswerker van zowel mijn huidige als de andere afdeling zouden samenzitten rond mijn verder traject.

Veel zenuwen die totaal overbodig waren, ik kan me best wel vinden in hun voorstel.

Het wordt een fasesysteem.

Dit houdt in dat het toezicht en de beveiliging per fase kan opgeschoven worden, maar dat dit steeds binnen een afgesproken tijd zal zijn.

Het zal wat zoeken worden, dit nieuwe systeem, en dat voor alle partijen. Maar ik zie het zitten en dat op zich is al heel wat!

Prins

Vandaag zag ik hem terug. Mijn kleine grote prins.

Dat dat veel te lang geleden was, is een understatement. Hij ging van drie jaar naar vorige week vijf jaar en groeide wel veertien centimeter.

Toen ik hem belde, maakte hij zich even zorgen of hij me nog zou herkennen met m’n nieuwe bril.

Schattig, toch?

Het werd een blij weerzien en dat van de twee kanten.

Ik werd overladen met info over zijn nieuw speelgoed, kusjes en knuffels.

En ik genoot.

Ontredderd

Ontreddering, ik vind het een verschrikkelijk gevoel! En helaas is dat mijn overheersende emotie van de laatste periode.

Geen blijf weten met je gedachten, lijf en gevoelens.

Ronddolen in de ene gang die deze afdeling groot is vanuit een onrust in mijn lijf.

Het gevoel hebben een tikkende tijdbom te zijn die op elk moment kan imploderen. Niet wetende wat zo een imploderen exact inhoudt

Een afwezigheid van alle gevoelens op angst na. Die breekt helaas wel geregeld door de muur die ik en de medicatie maken.

Ontredderd dus.

Ik voel me op zo een momenten het veiligst met vertrouwd personeel in de buurt. Een beetje externe veiligheid en controle inbouwen.Alsof ik terug een kind van anderhalf word. Te weinig taal, te wankel op m’n benen en nog geen besef van emotieregulatie.

Het is verschrikkelijk om heel de tijd tegen deze modus te vechten. Het put me uit en mat me af.

Goed voornemen.

Ik maakte ik het begin van dit jaar geen goede voornemens.

Uur per uur. Dag per dag. Dat leek me al uitdagend genoeg. Het leven is te complex om vooruit te kijken.

Maar daar kwam er vanaf gisteren toch eentje bij.

Het is een herhaling van mijn voornemen van twee jaar geleden en gaat over een van m’n hobby’s : meer boeken lezen, want dat kwam er door de waas in mijn leven niet meer van.

Toen wou ik 52 boeken op een jaar lezen. Dit jaar leg ik geen lat. Gewoon genieten van de momenten waarop deze geliefde bezigheid lukt.

Ik begon er gisteren meteen aan en koos voor ‘kom Hier dat ik u kus’ van Griet op de beeck. Een hoek dat ik al eens las. Op die manier kan ik ondanks concentratiedipjes toch volgen.

Camera

De afgelopen nacht sliep ik op mijn gewone kamer.

Dat lijkt misschien banaal en een babystapje, maar voor mij was het een hele overwinning nadat ik al weken onder een camera slaap.

Ik vond het dan ook verschrikkelijk eng! En dus stelde ik mijn slaap zo lang mogelijk uit.

(Wat geen strak plan bleek te zijn zo merkte ik deze morgen)

Maar het lukte redelijk. Op enkele nachtmerries na werd het een rustige nacht.

Over een mini-mijlpaal gesproken 😊

Kindje

Ik schreef een brief.

Dat is op zich geen verrassend nieuws. Maar ik schreef een brief naar een stuk van mezelf waarmee ik zo in de knoop lig dat het best wel een speciale brief werd.

Hier volgt hij:

Dag irritant kind, 

Even een berichtje om je te laten weten hoe hard ik je haat en hoe ik van je walg. 

Je werd samen met mij geboren. Als een Siamese tweeling zouden wij voor altijd aan elkaar verbonden zijn. Jij het kindstuk in mij, ik de volwassen vrouw. Alleen liep er in dat verbonden zijn al snel iets mis.

Ik kan me niet herinneren je ooit gemogen te hebben, laat staan je graag gezien te hebben. 

Al van jongs af aan ervoer ik je als een last. Eerst gewoon omdat je er steeds vervelend was, daarna omdat je daarbovenop getraumatiseerd werd. 

Het ging van kwaad naar erger. Waar ik eerst boos op je was, ging ik je na een tijd verafschuwen. Tot op het punt dat ik je echt hartsgrondig begon te haten.

Of je dit verdient? Waarschijnlijk niet. Waarschijnlijk tref jij geen schuld aan iets van dit alles. Maar ik zou op dit moment in mijn leven niet weten wat anders met je aan te vangen dan je te verafschuwen en mij met heel mijn zijn tegen je te verzetten.

In een of andere onmogelijke utopie verzoen ik me met jou. Dan lopen we vanaf dan naast elkaar zodat ik op tijd en stond eens kan kijken of er rekening met je gehouden moet worden.

Maar dat beeld lijkt voorlopig zo onbereikbaar. Op dit moment kan ik enkel destructie ten opzichte van je voelen. Jij kan en mag (nog) niet bestaan.

Of dat ooit veranderd, weet ik nog niet. Maar tot op vandaag kan ik me dat niet inbeelden.

Dus kindstuk in mij, het lijkt er op dat wij nog een lange en moeilijke weg af te leggen hebben. Eentje die aanvoelt als een onmogelijk parcours. Maar zonder een echte keuze begin ik aan dit proces. 

Want dit is niet langer leefbaar.

Dat de weg nog lang en hobbelig is, beaamt iedereen.

Of ik het ooit haal weet niemand.

Ik hoop alleen dat ik dat sprankeltje energie blijf vinden om me te verzoenen met dit stuk in mij, want dit gevecht mat af :-(.